Straet & Vaert – nieuwste uitgave

Heemkundekring presenteert Straet & Vaert 2016 (persbericht)

 

De nieuwe uitgave is 143 pagina’s dik en bevat zes rijk geïllustreerde artikelen en de verkoopprijs bedraagt € 16,50.

straet-vaert-2016-voorzijdeHet boek opent met een interview met Piet Horvers, die op 11 september 2016 de leeftijd van honderd jaar mocht bereiken. Reeds in het voorjaar gingen Joke van Gils en Erik Gelevert bij hem op bezoek. De geboren Tilburger vestigde zich in 1938 in Loon op Zand. Vierenvijftig jaar lang was hij werkzaam in zijn eigen kapsalon aan de Kerkstraat 50, terwijl zijn vrouw Wiesje een winkel in rookwaren exploiteerde. Horvers vertelt over zijn jeugd en het grote gezin waarin hij opgroeide, over zijn vroege interesse in het kappersvak, de leerjaren en de dagelijkse praktijk van het knippen en scheren in zijn eigen salon. Ook haalt hij herinneringen op aan de oorlogsjaren. Natuurlijk komt zijn lidmaatschap (gedurende meer dan zeventig jaar) van het herenkoor Sint-Caecilia ter sprake. Met veel liefde spreekt hij over zijn overleden vrouw, met wie hij 67 jaar heel gelukkig was getrouwd, en het gezin dat zij stichtten. Na een ernstig ongeval kwam er in 1992 een einde aan Horvers’ werkzame leven. Genietend van zijn oude dag in woonzorgcentrum De Venloene kijkt hij met voldoening terug op zijn lange leven.

De zevende aflevering van de serie ‘Leer en schoenen – dat is Loon’ van Jan van Iersel en Jan Vera gaat over Loonse looiers aan de Hoge Steenweg met als hoofdpersonen Koos Baeten en Frans Michielsen. Het artikel begint met het boerengezin Van den Hoven, dat in de negentiende eeuw zowat het gehele landbouwgebied ten noorden van de Kerkstraat bezat. Door dat grondbezit werd in 1845/46 de Hoge Steenweg aangelegd als onderdeel van de provinciale straatweg tussen de industriestad Tilburg en de Waalwijkse haven. Aan deze nieuwe Hoge Steenweg vestigde in de loop der jaren een tiental leerlooiers hun bedrijf, onder wie Wagemakers en Vromans, die al in vorige afleveringen zijn besproken. In deze aflevering wordt kort ingegaan op een aantal kleinere looiers, waarna de aandacht is gericht op de looierijen van Koos Baeten en Frans Michielsen. Na de Eerste Wereldoorlog voegden zij hun bedrijven samen, maar door het overlijden van Michielsen kwam een einde aan de samenwerking en ging Baeten alleen verder. Maar ook daaraan kwam een einde en sinds enige jaren heeft het fabrieksgebouw plaats gemaakt voor woningbouw.

De tijd van het gemengd boerenbedrijf op de schrale Loonse zandgrond ligt alweer een halve eeuw achter ons. Nu de laatste generatie boeren van dit gemengd bedrijf aan het uitsterven is, vond Anton van der Lee het tijd om hun manier van werken vast te leggen. Hij tekende zijn persoonlijke herinneringen op aan de praktijk van het oogsten. De oogsttijd viel voornamelijk in de maand juli, soms gedeeltelijk ook in de eerste helft van augustus. Anton beschrijft nauwkeurig de werking van de vingerbalkmachine, de gebruikelijke maaimachine van Amerikaanse oorsprong. Graan maaien vergde handigheid en ervaring, maar bovendien een goed samenspel tussen maaier en paard. Hoe beter de maaier zijn garven (schoven) wist af te leggen, des te gemakkelijker hadden het de binders. Die draaiden een band om de garven en zetten ze op in ‘hokken’. Was het graan voldoende gedroogd, dan moest het naar de boerderij worden gebracht en opgeslagen. Een opsteker en een lader haalden de garven met een wagen van het veld, waarna een ‘schelfter’ ze opstapelde in een graanschelf. Het bouwen daarvan vergde vakmanschap. Direct na het ruimen van de oogst moest een deel van het stoppelland worden geploegd om knollen en andere nagewassen te kunnen zaaien. Het dorsen gebeurde vanaf de jaren dertig niet meer met de dorsvlegel, maar met een dorsmachine.

De verplaatsing van het raadhuis van Loon op Zand naar Kaatsheuvel behoort ongetwijfeld tot de kernmomenten in de geschiedenis van de gemeente Loon op Zand. In 1853 werd het gemeentearchief op karren geladen en naar Kaatsheuvel vervoerd, waarna het raadhuis aan de Kerkstraat werd gesloopt en de afbraakmaterialen eveneens naar Kaatsheuvel werden gebracht voor het nieuw te bouwen raadhuis aldaar. Het verzet van de Loonse bevolking tegen deze verplaatsing noodzaakte de autoriteiten tot het inroepen van de militaire macht met als gevolg dat de raadhuiskwestie landelijk nieuws werd. Minder bekend is dat in deze periode van ’Straetse en Vaertse twisten’ tussen 1840 en 1856 eerst uit Kaatsheuvel en daarna uit Loon op Zand meerdere verzoekschriften bij de koning en bij het provinciebestuur zijn ingediend om de gemeente Loon op Zand te splitsen. De benoeming in 1856 van de pas vijfentwintigjarige jhr. Arnold Verheijen tot burgemeester luidde het einde in van dit onverkwikkelijke tijdvak in de verhoudingen tussen de twee hoofdplaatsen Loon op Zand en Kaatsheuvel. Op grond van uitgebreid archiefonderzoek geeft Jan van Iersel een samenvatting van de gebeurtenissen.

Ook het levensverhaal van de nu 93-jarige Nelis van den Hoven is in dit jaarboek opgetekend. Daartoe ontving hij enkele malen bezoek van Joke van Gils en Jan Vera. Van den Hoven groeide op in een gezellig schoenmakersgezin in Den Doel, de huidige Tuinstraat. Zijn werkzame leven bracht hij door in de schoenindustrie. Na te zijn geslaagd op de Loonse avondvakschool ging hij in 1937 werken bij schoenfabriek Neerlandia, waar hij opklom tot werkmeester van de snijderij. Van 1957 tot 1965 leidde hij zijn eigen damesschoenfabriek Howan en in 1977 eindigde hij zijn carrière als bedrijfsleider bij schoenfabriek J. van Esch. Behalve over zijn werk praat Van den Hoven over zijn schooltijd op de fraterschool Sint-Emilius, zijn bezigheden als jongeman, zijn ervaringen tijdens de oorlog (onder andere de tewerkstelling bij de firma Krupp te Essen), zijn verkeringstijd en huwelijk met Riet van Esch en over het gezinsleven. Deze maand november beleeft Van den Hoven een bijzonder jubileum: tachtig jaar lid van de Koninklijke Sophia’s Vereeniging. Hij werd opgeleid tot tamboer en was van 1955 tot 1981 tambour-maître van de drumband. Ook was hij jarenlang de grote man van Sophia’s oud-papieractie. Van den Hoven is nog fit, gezond en actief. Met zijn vrouw, met wie hij 67 jaar is getrouwd, bewoont hij een appartement in woonzorgcentrum De Venloene.

Jan van Hoof geeft een beeld van de Loonse kerkgeschiedenis van de middeleeuwen, tot het jaar 1559 toen er nieuwe bisdommen werden gecreëerd en de Sint-Jan in ’s-Hertogenbosch kathedraal werd. Loon op Zand maakte deel uit van het dekenaat Hilvarenbeek dat weer onderdeel was van het aartsdiaconaat Kempenland van het bisdom Luik. In het artikel wordt de middeleeuwse geschiedenis van de parochie Loon op Zand in een breder historisch kader gezet en worden ook – voor zover bekend – de pastoors en hun plaatsvervangers uit die periode beschreven.